Hebzucht: een waardige kwaliteit?

‘Plato en Aristoteles hamerden erop dat fatsoenlijke mensen zich weten te beheersen. Van de aristocratie werd verwacht dat men zichzelf wist te matigen. Onverzadigbare hebzucht was iets voor de domme massa, dieren waren dat bijna. Daar kon je niets anders van verwachten.’

‘Zelfs op de universiteit’, zegt filosoof Jeroen Linssen, ‘zijn je collega’s concurrenten die azen op dezelfde subsidies als jij. Het marktdenken is doorgedrongen tot alle domeinen van onze maatschappij en daarmee ook de hebzucht, de achterliggende drijfveer.’

Hoogleraar Jaap van Muijen (Nyenrode) zag in zijn grote salarisonderzoek in 2015 dat hoogleraren en gepromoveerden in zijn grote salarisonderzoek net zo hebzuchtig waren als bankiers. ‘Het was een kleine groep van 160 mensen op het totaal van honderdduizend. Dus het is geen hard bewijs, maar wel een sterke aanwijzing dat ook de wetenschap vol zit met rupsjes nooitgenoeg.’

Uitgebreid artikel in: Volkskrant, 14 september 2018
Illustratie van een hongerige geest (in het boeddhisme bekend als “preta”): scythemantis

 

sluiting

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *