Nieuwjaarsgroet

Zen-meester Zhaozhou had echt niets nodig. Hij had niks te makken, alles was kapot, en hij liet het zo. Maar armoe is toch geen doel op zich? Waarom niet wat meer verzorgen, optimaliseren? Maar Zhaozhou hanteerde een ander punt van waarneming. Vanuit dit punt is alles wat door de zintuigen komt sowieso al ‘kapot’. Vervormd door onzuiverheid, een blik vertroebeld door gretigheid of afkeer.

Zhaozhou had dus geen enkel werelds belang. Zijn hart was zijn tempel, en koningen hoefden bij hem niet te rekenen op ontzag. Hij hoefde dan ook niet op toernee om gelden in te zamelen voor een sjiek centrum, en hij hoefde zijn woorden niet aan te passen om in de gunst van zijn publiek te blijven. Keizer Wu liet hem vervolgen, maar dat leerde Zhaozhou niets nieuws over het menselijk lijden (samsara). Hij zocht een rustige plek en zette zijn werk voort.

Krachtig, jazeker. Je komt het maar zelden tegen. De meeste eenlingen die zo absoluut en authentiek te werk gingen, hebben niets neergezet en niets nagelaten. Ze zijn opgelost. En dat vinden we altijd moeilijk, want we willen inspireren en geïnspireerd worden. Maar gaat dat wel zo per se via boeken, centra en goeroes? Waarderen we anonimiteit en zuiverheid wel genoeg als het gaat om het vinden van onze vrijheid?

De stilte van ons huidige oefenen lijkt een teken dat we dit binnen Stiltij steeds meer waarderen. Het gezag van een werelds instituut maakt plaats voor innerlijk onderzoek. Het volgen van een programma maakt plaats voor het werkelijk innemen van onszelf.

De Boeddha zegt: ‘Jij bent je eigen meester. Wie anders zou jouw meester kunnen zijn?’ Wie dat niet eenvoudig vindt, kan leren dankzij de opgetekende wetten van het leven. En de werkelijk vrije, belangeloze mensen van alle tijden zijn de bakens op dit pad.

We wensen je een vreugdevol nieuw jaar.