Wijsheid en wetenschap (artikel)

afbeelding van mediterende boeddha

Wat Kees Kraaijeveld in zijn Volkskrant-artikel (Hoog tijd voor een nieuwe Sokrates) feitelijk aan de orde stelt is niet wijsheid maar kennisontwikkeling en het leren toepassen ervan in de praktijk van alledag. Meetbare wijsheid (evidence-based wisdom) is de noemer waarnaar hij verwijst.
Natuurlijk is er weinig mis met het faciliteren van wetenschappelijke meetbaarheid (evidence); de wereld is wel gebaat bij een soepele functionele verzorging, tot en met de individuele omgeving.

Maar het is een misverstand te denken dat we enkel met kennis vergaren de kernproblemen van ons bestaan kunnen oplossen. Die problemen – liefde, leven en dood, zinloosheid – zijn niet alleen van alle tijden maar zij zijn ook te subtiel en organisch om te kunnen vangen met zintuiglijk instrumentarium.
Bovendien, tot op heden hebben wij noch de actuele wereldproblemen noch de existentiële menselijke problematiek kunnen voorkomen, laat staan kunnen oplossen via de uiteenlopende technologische en culturele verworvenheden.

Toenemende kennis heeft ons niet veel wijzer gemaakt – erkent ook Kraaijeveld.
Hoe doe je dat dan: duurzaam vervuld zijn, vrij en tolerant leven, integer blijven, sterfelijkheid bewust aanvaarden, of op elementair niveau: jezelf kennen (Sokrates: “Ken uzelve”), de zin van dit bestaan ontdekken?

> Lees HIER het volledig artikel (pdf)

afsluiting

Wijsheid als noodzaak (artikel)


Vier rijpingsstadia van belevingskwaliteit

Alle maatschappelijke drukte (politiek, media, huishouding) doet ons haast vergeten hoe belangrijk innerlijkheid is in het leven van een mens. En zet je dan ook nog eens stevig in op het promoten van culturele verworvenheden (kunst, wetenschap, technologie) en op de onderbouwing van het belang daarvan (filosofie, psychologie, sociale moraal), dan is het misschien niet zo vreemd als je ongemerkt het geheel uit het oog verliest.

We menen wellicht voldoende te hebben aan een zintuiglijke, psychofysieke, wereldse invulling van ons bestaan. Maar vóór alle invulling is de vulling van het leven zelf al volop werkzaam, in de vorm van een universeel vermogen dat geest of bewustzijn heet.
Het is deze substantiële kracht waar ieder van ons elke ochtend door gewekt wordt en die ons in staat stelt alle dagelijkse functionaliteit te organiseren.[i]
We hebben het hier dus niet over een vrijblijvend, zijdelings aspect.

Het hanteren van dit bewustzijnsvermogen dient per definitie bewust te gebeuren. Met andere woorden: bewustzijn vraagt van mij als gebruiker me te voegen naar de aard en bedoeling ervan.
Doe ik dit niet, dan zijn de resultaten van mijn doen en laten ongewis, beperkt of vertekend. Er ontstaat een discrepantie tussen wat er werkelijk gebeurt en wat je denkt dat er gebeurt.

Zelf geconstrueerde interpretaties van de werkelijkheid verhinderen ons open en onbevooroordeeld te functioneren. Dat hoeft niet meteen pijnlijk te voelen en het kan zelfs geslaagd of zinvol lijken in onze eigen of in andermans optiek.

Maar gemeten aan de context van een duurzaam vervullend totaalbestaan maakt deze aanpak, die in feite een vorm van zelfbedrog is, ons vatbaar voor verleiding, suggestie en waan.
Onze geest opereert dan niet vanuit een diepere authentieke beleving maar vanuit vluchtige geconditioneerde beeldvorming. We hechten ons aan grillige en vaak conflicterende elementen uit de eigen voorstellingswereld.

[i] Voor achtergronden, zie dharmium.nl
en het boek Dharmium, serum van wijsheid (Asoka 2019).

> Lees HIER het volledig artikel (pdf)

afsluiting