Het levensklooster van een bodhisattva (16-09-25)

stiltijdharma-111Audio van meditatie-onderricht door Ad op zondag 25 september 2016.
Thema: Bodhisattvaschap als levenshouding

Als we vaak genoeg toekomen aan verheldering en inspiratie (onderricht), dan worden de vragen (moeite) ook beantwoord. Karma is als een werkinstrument van de dharma, om te helpen wakker te worden. Het is geen willekeurig verhaal, maar integraal deel van het universum. Er is nergens een stukje dat buiten de werkelijkheid valt. Er is een intrinsieke goedheid in de werkelijkheid. Deze goedheid ligt achter de scheiding tussen goed en kwaad, achter het dualisme van voorkeur en afkeer.

De Boeddha is wakker geworden in lijden. Hij zag dat zijn eigen constructies de oorzaak vormden van het lijden. Maar dat is niet de eindconclusie: je kunt dit lijden oplossen via de oefenweg van shila-samadhi-prajna (trishiksha), ook wel achtvoudig pad genoemd. De beleving van de Boeddha is ook jouw beleving. Je kunt contact maken met de Boeddha, door tijd en ruimte heen. Het bestaan is niet afhankelijk van een lichaam; het hangt van jouw geest af. De identificatie met je eigen lichaam ben je je niet bewust. Geest en lichaam voelen hetzelfde. Toch zijn het verschillende gebieden die op de juiste manier bediend moeten worden. Wanneer de omstandigheden veeleisender worden, minder cultuurbepaald, is meer kracht nodig; dan zoek je sneller naar een geestelijk tegenwicht om goed om te kunnen gaan met de zintuiglijkheid.

In de bodhisattva-opstelling heb je het lichaam als werkinstrument nodig om alle wezens te kunnen helpen bevrijden. Daarvoor is het noodzakelijk om de verkeerde omgang met het lichaam los te laten, dat wil zeggen: de belangen eruit te halen. Het ‘ik’ is nergens te vinden, en het is ook niet alle aspecten samen. Het is veel groter. Het is iets wat blijft bestaan ondanks ons onvermogen om onszelf te formuleren,. Je wordt bevrijd door leegte, vormloosheid.

Het ik-gevoel als zijnde een vaststaande identiteit wordt gevoed door de wereld als referentie te nemen. Je projecteert jezelf daarnaartoe. Projectie is geesteswerking. De wereld (zoals jij iets als ‘de wereld’ beleeft) is aldus een weerspiegeling van je zelfbeeld. Maar er is niet zoiets als continuïteit, er is geen enkel houvast. Er is alleen volheid, en volheid heeft niets nodig. Als die volheid helemaal belichaamd wordt, is er puur beleving. Op dat niveau is er iets wat gedeeld kan worden en dat noemen we de dharmakaya. Als de wereld zo betreden wordt, steeds in volheid, dan wordt dit het werkterrein van de bodhisattva. Je kunt de wereld zien als een levensklooster: het is de actieradius waarin je werkzaam bent en leert.

Dat wat de Boeddha heeft blootgelegd als de kern van mens-zijn noemt hij boeddhanatuur: onze ware aard. Belichaming van je ware aard is het oplossen van individu tot enkel waarheidswerking (dharmakaya). Helemaal aanwezig, zonder behoeftige signalen of belangen. Als je niet langer behoeftig wilt zijn en het lijden niet langer wilt laten voortduren, maar de potentie ziet van bevrijding, wordt de bodhisattva-intentie gewekt. Bodhisattva’s komen ter wereld op grond van een gelofte. Zij helpen mee de gebrekkige belichaming te herstellen naar een natuurlijk aanwezig zijn.